Artikelen

Waarom medicijnen in Nederland zo duur zijn

Regelmatig schrijft de Werkgroep Politiek en Maatschappij een informerend stuk voor AIOS over een actueel en relevant onderwerp. Nu een artikel over de kosten van medicijnen in Nederland.

 

pillen

 

In de NRC Next van dinsdag 12 april 2016 stond een uitgebreid artikel over ‘De 8 stappen naar veel te dure pillen’. Een zorgelijke situatie, echter waarbij er wel mogelijkheden zijn om deze kosten te reduceren in de toekomst. Middels deze bijdrage wordt een kort overzicht geschetst hoe deze hoge medicijnprijs tot stand komt, beschreven zoals in het artikel, met een link naar het artikel voor de geïnteresseerden die het verder willen lezen.

 

Zodra een medicijn eenmaal voor de EU is goedgekeurd, stroomt het haast vanzelf in het verzekerd pakket in Nederland. Ook als het duur is en ook als het misschien niet zo goed werkt. Dat gaat verwachte problemen geven, nu blijkt dat bepaalde medicijnen voor bijvoorbeeld kanker en zeldzame ziekten onbetaalbaar dreigen te worden. Minister Schippers heeft de kwestie op 13 april j.l. in de kamer uiteen willen zetten.

 

Het artikel bespreekt de automatische instroom van medicijnen als een radiografisch bestuurbaar bootje dat door farmaceutische fabrikanten door een reeks van sluizen wordt geloodst. Die sluizen (de 8 stappen) zouden beter kunnen werken dan ze nu doen.

 

Sluis 1: Het laboratorium
Fundamenteel onderzoek betaald door overheid/non-profit organisaties, niet de farmaceut.

 

Sluis 2: Het octrooi
Octrooi maakt intellectueel eigenaar, waardoor ook de opbrengsten naar die eigenaar zouden kunnen gaan; veel octrooien worden opgekocht door farmaceuten waardoor zij een monopolie krijgen voor vele jaren; met daarbij uitbreiding door secundary patenting (kunstmatig verlengen door bijvoorbeeld te veranderen naar een andere toedieningsvorm). Daarbij geeft EU-wetgeving ook nog de mogelijkheid tot marktexclusiviteit voor middelen voor zeldzame ziekten.

 

Sluis 3: Klinisch onderzoek
Medicijnen hoeven alleen maar beter te werken dan een placebo, niet beter dan een al bestaand middel. Me too middelen dus. Veel overbodige middelen.

 

Sluis 4: Registratie
Registratie van medicatie kan via het European Medicins Agency door fabrikanten worden aangevraagd. In de wachttijd van registratie mogen ze dan wel onder voorwaarden worden voorgeschreven in andere lidstaten. Fabrikanten moeten dan zelf registers bijhouden met patiëntgegevens en deze zijn erg gebrekkig. Middelen met twijfelachtige werking blijven dan lang in het systeem hangen.

 

Sluis 5: Prijsstelling
Pas na registratie stellen fabrikanten de prijs vast. Dit gaat volgens het value based pricing; oftewel ze vragen net zoveel voor een medicijn als de samenleving wil betalen. Overheden en verzekeraars onderhandelen met fabrikanten over maximale prijzen, maar de willingness to pay maakt dat we bijna bereid zijn om elke prijs te betalen, de zogenaamde QALY’s en wat die maximaal zou mogen zijn.

 

Sluis 6: De vergoeding
De verzekeraar bepaalt of een verzekerde recht heeft op een vergoeding via de basisverzekering. Specialistische medicijnen voor bijv. kanker doen de prijs snel stijgen. Als het te duur wordt, komt het Zorginstituut Nederland (ZIN) in beeld, de adviseur voor de samenstelling van het verzekerde pakket. Deze kan een middel afwijzen als het een te groot beslag legt op de zorguitgaven of als baten niet opwegen tegen de (hoge) kosten. Daarbij ligt de uiteindelijke beslissing bij de minister van VWS en deze heeft nog nooit een middel afgewezen…

 

Sluis 7: Onderhandelen over de korting
Als de prijs volgens de ZIN te hoog is, gaat de minister met de fabrikant om tafel om een korting af te spreken. De hoogte van de korting is onbekend (geheim), waardoor de samenleving niet weet hoeveel we werkelijk moeten betalen.

 

Sluis 8: Voorschrijven
Niet geregistreerde indicaties mogen dus worden voorgeschreven door specialisten. Men behoort wel te werken volgens de richtlijnen van de beroepsgroep. Fabrikanten proberen met marketingmiddelen om hun medicijnen in die richtlijnen te krijgen. Daarop is een transparantieregister bedacht, om banden tussen artsen en industrie te verduidelijken, maar dat dekt heel veel relaties niet, bijvoorbeeld niet het geld dat een arts krijgt als hij optreedt als consultant voor een grote klinische trial.

 

Hoe het debat verder is verlopen, is aan de nieuwsgierige AIOS die daar zelf naar op zoek gaat (lees o.a. het interessante artikel “Kamer wil openheid prijs dure medicijnen” uit het Financieel Dagblad van woensdag 13 april), maar daaraan zal de komende tijd nog wel de nodige aandacht worden besteed.

 

Met deze samenvatting hebben we de AIOS een kort inzicht willen geven in de discussie over dure medicatie. Het mag duidelijk zijn dat het een complex probleem is waar veel verschillende actoren en verschillende belangen spelen. Inmiddels is er al meer geschreven over de rol van minister Schippers in het geheel, maar bijvoorbeeld ook over de rol van het Zorginstituut Nederland en het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen. Hopelijk lukt het minister Schippers om tijdens het EU-voorzitterschap invloed uit te oefenen op de verschillende sluizen waarvoor Europese consensus nodig is. Wij blijven het volgen en houden jullie op de hoogte.

 

Heb jij bepaalde ideeën gekregen over (oplossingen van) dit probleem of ben je nog meer geïnteresseerd in onderwerpen als deze? Meld je dan aan voor de WPM en kom een keer mee discussiëren!

 

Link naar het artikel en tevens bronvermelding: http://www.nrc.nl/next/2016/04/12/de-8-stappen-naar-veel-te-dure-pillen-1607672

 

http://www.nrc.nl/nieuws/2016/04/20/groot-deel-medicijnstudies-deugt-niet-1610178

Gemaakt: 17 mei 2016