Artikelen

Rol van het Centrum Indicatiestelling Zorg

Regelmatig schrijft de Werkgroep Politiek en Maatschappij een informerend stuk voor aios over een actueel en relevant onderwerp. Nu een update over het CIZ (Centrum Indicatiestelling Zorg).

 

De buurman van Piet is de laatste jaren achteruit gegaan in zijn functioneren. Als gevolg van de ziekte van Alzheimer. Naast de thuiszorg en tafeltje dekje, probeert Piet de buurman zoveel mogelijk te helpen in zijn dagelijkse verzorging. Sinds enkele maanden is de buurman nog de enige persoon die Piet herkent.

 

Zodoende barricadeert hij vaak de deur voor de thuiszorg, eet hij vrijwel niets meer en is hij daardoor ernstig verzwakt. Hierop gaat de buurman samen met Piet naar de huisarts om te vragen of Piet naar een plek kan verhuizen waar hij vierentwintig uur per dag zorg kan krijgen.

 

De huisarts zegt dat Piet een andere zorgindicatie binnen de Wet langdurige zorg moet krijgen om op een psychogeriatrische afdeling in een verpleeghuis te kunnen worden opgenomen.

 

Op dit moment heeft Piet een zorgindicatie voor assistentie bij algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL) door middel van de thuiszorg. Dit zal moeten veranderen naar een indicatie voor langdurig
verblijf. De traplift van Piet en de huishoudelijke hulp worden op dit moment door de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) voorzien en vallen hier dus buiten.

 

De buurman gaat thuis naar de website van het Centrum indicatiestelling zorg (CIZ). Sinds 1 januari 2015 is de Algemene wet bijzondere ziektekosten (AWBZ) vervangen door de Wet langdurige zorg (WLZ) en onderzoekt het CIZ, als publieksrechtelijk zelfstandig bestuursorgaan (ZBO) van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) of iemand in aanmerking komt voor zorg die valt onder de WLZ.

 

De buurman begint, als gemachtigde, met het stappenplan op de website van het CIZ. Hij begint met de persoonlijke gegevens van Piet in te vullen. Vervolgens krijgt hij de vraag welke ziekte, aandoening of klacht Piet heeft en welke problemen hij daarvan ondervindt. De buurman krijgt de keuze op het formulier of hij de zorg zelf wil regelen met een persoonsgebonden budget (PGB) of dat het zorgkantoor de zorg regelt (zorg in natura) door middel van zorg thuis of in een instelling.

 

Na het indienen van de CIZ aanvraag, krijgt de buurman binnen vier weken het bericht dat een medewerker van het CIZ bij Piet langskomt om de situatie te beoordelen. Brommend zegt de buurman; ‘hadden ze dat niet direct kunnen doen!'.

 

Tevens krijgt de huisarts nog een brief met de vraag om toe te lichten over wat voor soort dementie het gaat, wanneer deze is vastgesteld en wat de prognose is. De huisarts leest op dat moment net de nieuwsbrief van de LHV van augustus 2015 waarin staat dat de opgevraagde informatie alleen verstrekt wordt aan een arts, te weten de medisch adviseur van het CIZ. Dit stelt de huisarts gerust.

 

De buurman had gekozen voor ‘zorg in natura’. Nadat de CIZ medewerker is langs geweest, krijgt Piet de juiste indicatie na twee weken. Deze indicatie is direct door het CIZ naar de instelling waar Piet wil gaan wonen door gegeven.

 

De buurman gaat nog een keer bij de huisarts langs met de vraag of het zeker is dat Piet nu de rest van zijn leven in de instelling kan blijven wonen. De huisarts vertelt dat een indicatiebesluit een onbepaalde geldigheidsduur heeft, mits de situatie niet verandert.

 

Hierop gaat de buurman met een gerust hart naar de nieuwe woonplek van Piet om lekker een stukje met hem te gaan wandelen.


Referenties

 

www.ciz.nl

www.rijksoverheid.nl

 

Prof. Dr. Geert-Jan Dinant, College geneeskunde het gaat niet goed met de oma van Tim, NRC-next

 

12 augustus 2015.

Gemaakt: 14 oktober 2015